Tijdelijke studentenverhuur of campuscontract: het verschil telt
Wie aan studenten verhuurt, heeft twee bijzondere contractvormen tot zijn beschikking — en huurrechtkantoren zoals Tomlow en Wolderwijd zien ze in de praktijk voortdurend door elkaar lopen. Het verschil is nochtans fundamenteel:
Het tijdelijke studentencontract (doelgroep-uitzondering op de Wet vaste huurcontracten) heeft een einddatum, duurt maximaal twee jaar en is alleen mogelijk voor studenten die van buiten de gemeente of uit het buitenland komen. Het eindigt van rechtswege — mits tijdig aangezegd.
Het campuscontract is juist een vast contract zonder einddatum, met één extra wettelijke opzeggingsgrond: de bewoner behoort niet meer tot de doelgroep (studie afgerond). Daarvoor moet de verhuurder wél opzeggen en de doelgroepeis moet correct in het contract staan, inclusief periodieke controle van de inschrijving.
Waarom het verschil zo zwaar weegt
- Een “tijdelijk” contract voor een student die gewoon uit dezelfde gemeente komt, valt buiten de uitzondering — en is dus een vast contract.
- Een campuscontract zonder correct omschreven doelgroepbeding verliest zijn extra opzeggingsgrond — de student-af kan dan gewoon blijven.
- Aanzegtermijnen (tijdelijk) en opzeggingsprocedures (campus) verschillen volledig.
Zie het overzicht van alle vormen in huurcontract type A, B of C en de beslisboom in Welk huurcontract kies je?
Geschreven door
Redactie Verhuren.net
Onafhankelijke redactie