Huurprijs bepalen: zo werkt het WWS-puntensysteem

“Wat vraagt de buurman?” is geen huurprijsbeleid. In Nederland bepaalt het woningwaarderingsstelsel (WWS) voor een groot deel van de woningen wat je maximaal mag vragen. Sinds de Wet betaalbare huur is dat stelsel uitgebreid naar het middensegment én is de naleving dwingend geworden. Wie te veel vraagt, riskeert terugbetaling en handhaving door de gemeente.

Hoe het puntensysteem werkt

Elke zelfstandige woning krijgt punten voor onder meer:

Het puntentotaal bepaalt het segment:

  1. Gereguleerd (sociaal) — onder de eerste puntengrens: de maximale huur volgt strikt uit de puntentabel.
  2. Middenhuur — tussen de puntengrenzen: ook hier geldt sinds de Wet betaalbare huur een maximale huurprijs op basis van de punten.
  3. Vrije sector — boven de bovenste grens: de aanvangshuur is vrij.

De actuele puntengrenzen en de bijbehorende bedragen worden jaarlijks geïndexeerd; controleer ze bij de Huurcommissie voordat je een prijs vaststelt.

Waarom dit voor jou als verhuurder telt

Zo pak je het aan

  1. Maak een eerste schatting met onze WWS-puntencalculator (indicatief).
  2. Doe daarna de officiële huurprijscheck van de Huurcommissie voor de bindende telling.
  3. Valt je woning in het gereguleerde of middensegment: hanteer het maximum als plafond, niet als richtprijs — kwaliteit en ligging bepalen of je het plafond ook waarmaakt.
  4. Vrije sector: vergelijk met vergelijkbaar aanbod (Pararius, NVM-cijfers) en wees realistisch; leegstand is duurder dan een iets scherpere prijs.
  5. Herhaal de telling na een verbouwing of nieuw energielabel — punten veranderen mee.

Servicekosten zijn géén huur

De kale huur valt onder het WWS; servicekosten en kosten voor meubilering staan daar los van en moeten werkelijk gemaakte kosten weerspiegelen, met een jaarlijkse afrekening. Servicekosten gebruiken om een te lage maximale huur te “compenseren” is een klassieke fout die bij de Huurcommissie strandt.